Hulpvragen


Hulpvragen

Wij begeleiden mensen middels een maatwerktraject op een ervaringsgerichte, actieve en speelse manier. Naar aanleiding van het intakegesprek wordt er samen met de kinderen/jongeren en/of ouders gezocht naar een passend aanbod. We kunnen individuele begeleiding, eventueel gecombineerd met groepsbegeleiding, inzetten.
De duur van het traject hangt af van de hulpvraag/hulpvragen (complexiteit en aantal) en de stappen die iemand zet bij het werken aan zijn doelen. In de verschillende trajecten wordt er met en zonder honden gewerkt. Dit alles wordt vastgelegd in een plan van aanpak, waarin de doelen vastgelegd worden en waarbij er periodiek geëvalueerd wordt.

 

Voorbeelden

Kinderen, jongeren, jongvolwassenen en hun gezinnen kloppen bij ons aan met diverse hulpvragen. Hieronder worden een aantal hulpvragen geschetst. Natuurlijk zijn er ook grenzen aan onze mogelijkheden. Op het moment dat er sprake is van fysieke agressie, of agressie naar dieren kunnen wij helaas geen passend aanbod verzorgen. Op het moment dat er sprake is van complexe problematiek werken wij graag samen met een hoofdbehandelaar of een casusregisseur.
Help mij steviger in mijn schoenen te staan, mijn grenzen aan te geven en weerbaarder te worden.

Casus:
Een meisje van 8 jaar is verlegen, twijfelt over elke keuze die gemaakt moet worden en laat op school over zich heen lopen. Haar hulpvraag is dan ook: ‘Help mij steviger in mijn schoenen te staan’. Wij zijn eerst aan de slag gegaan met een vertrouwensband op te bouwen. Daarna zijn we aan de slag gegaan met de methodiek ‘rots en water’, zodat dit meisje inzicht kreeg in haar eigen houding in situaties (zo stevig als een rots of rekening houdend met iedereen en om anderen heen manoeuvreren als water). Haar eigen houding in diverse situaties werd duidelijk bij het werken met de honden: ze hield rekening met de honden, deed altijd wat de honden fijn vonden, praatte heel zacht als ze hen een opdracht gaf enz. Wij hebben er samen met haar aan gewerkt om oogcontact te maken, duidelijk tegen de honden te spreken, leiding te nemen, stevig door te lopen en eigen keuzes te maken. Door hiervoor eerst een makkelijke hond in te zetten en daarna honden met een steeds pittiger karakter (drukker of eigenwijzer), kon dit meisje oefenen met diverse situaties en diverse anderen met wie ze wel/geen rekening hoefde te houden. Haar eigen houding, emoties en kwaliteiten bracht ze na de oefeningen steeds in kaart met behulp van emotiekaarten, kwaliteitskaarten en tekeningen.
Ouders en leerkrachten werden ondersteund door hen verslagjes te sturen na elke sessie. Zo wisten zij welke ervaringen het meisje opgedaan had en waar ze in het dagelijks leven naar terug konden verwijzen.
Ik word zo snel boos. Help mij mijn boosheid onder controle te krijgen.

Casus:
Een meisje van 14 werd aangemeld omdat ze zo snel boos werd thuis en op school, al veel hulpverlening gehad had en eigenlijk geen hulpverlening meer wilde. Dit meisje kwam de eerste keer nors kijkend binnen en had geen zin om e.e.a. uit te leggen. Dit had ze eerder ook al in trajecten moeten doen en dit had haar niet geholpen zei ze zelf. Vanuit de intake (die alleen met ouders gedaan was) wisten wij waar zij tegenaan liep, dus praten was ook niet nodig. Ze ging vrolijker kijken toen de begeleidster aan haar vroeg of ze dan kennis wilde maken met de drie honden die op locatie waren. Dat wilde ze wel!
Over iedere hond werd iets verteld: de sterke kanten en ook de dingen die de hond nog moeilijk vond en moest leren. Later gaf het meisje aan dit fijn gevonden te hebben: ze gaf aan dat zo bleek dat niemand perfect is en veel mensen en dieren nog ‘oefenpunten’ hebben. De eerste kennismaking met de honden was positief. In het tweede begeleidingsmoment koos de begeleidster een eigenwijze hond. Bij het spelen met de bal bleek al dat deze hond niet altijd goed luisterde naar het meisje: ze gooide een bal weg en die werd niet terug gebracht, maar de hond ging verderop ermee liggen. Aan de hand van dat voorval werd haar de vraag gesteld: overkomt je dit wel eens? Dat jij iets wil en de ander zijn eigen plan trekt? Toen kwam haar verhaal naar voren: klasgenoten luisterden niet naar haar, respecteerden haar grenzen niet. Zij zei ‘stop’ en anderen gingen door. Ook de leerkrachten leken haar niet te zien als zij een vinger opstak om een vraag te stellen en thuis leek het ook wel alsof ze niet gezien werd, want ouders hadden het druk met haar broertje (die veel hulpvragen had) en werk.
Haar boosheid kwam dus voort uit het gevoel ‘niet gezien te worden’. Wij zijn in de sessies erna aan de slag gegaan met honden, maar ook creatief (schilderen en kleien). Hoe zorg je ervoor dat je wel gezien wordt (in houding en communicatie), hoe kun je aandacht vragen op een positieve manier, hoe zie je jezelf en hoe zou je gezien willen worden? Doordat dit meisje steeds meer positief aanwezig was thuis en zich op andere plekken meer liet zien, nam haar boosheid af. Veel kinderen voelen hun boosheid niet direct opkomen, met name als dit een andere oorzaak heeft dan hierboven beschreven. Dan werken we vaak met moeilijke oefeningen, waarbij ze stap voor stap gaan bedenken hoe ze de oefening uitwerken. Dat gebeurt dan eerst met een makkelijke hond, daarna met een hond met een steeds moeilijker karakter. Met een stoplicht geven kinderen dan de mate van irritatie aan en met een tekening waar ze de boosheid in hun lijf voelen en wat ze weer nodig hebben om deze te laten zakken.
Ik vind het erg moeilijk om contact met andere mensen te maken en een vriendschap op te bouwen. Help mij betere sociale vaardigheden te ontwikkelen.

Casus:
Een meisje van 10 met autisme werd aangemeld bij ons. Zij had moeite met het contact maken met andere mensen en vriendschap op te bouwen. Wij zijn met haar met de honden gaan werken, waarin duidelijk werd dat ze moeite had om oogcontact te maken, duidelijk te communiceren, te zien wat een ander wilde en daarop af te stemmen.
Door middel van verschillende activiteiten met de honden brachten we samen een zelfportret rondom dit thema in kaart: waar ben je al goed in en waarin wil je nog groeien. De groeipunten werden aangepakt, bijv. door in de oefeningen goed te letten op de lichaamstaal van honden en te bedenken wat hun behoefte dan was. Ook hebben we wandelingen gemaakt en tijdens de wandelingen de situaties van school van die week besproken: wat van het geoefende heb je in de praktijk kunnen toepassen en wat verliep daarin goed? De juf was degene die dit meisje het meeste in interactie met andere kinderen zag en werd in dit traject meegenomen. Na alle oefeningen die wij op onze locatie deden, maakten we samen met dit meisje een verslag. Dit verslag werd naar ouders én naar de juf gestuurd. Zo kon de juf kijken wat van het geleerde bij ons in de praktijk al goed toegepast werd. Ook kon zij observeren wat nog moeizaam verliep en gaf ons dit als aandachtspunten door om verder op te pakken.
Help mij om mijn zelfvertrouwen te versterken en mijn zelfbeeld te vormen.

Casus:
Een jongen van 13 werd bij ons aangemeld. Hij was als baby geadopteerd en woont nu samen met zijn zusje en ouders. Op school gaat het niet goed: hij heeft moeite met het geloven in zijn eigen kunnen, heeft moeite met wisselingen van leerkrachten en vriendjes maken verloopt niet goed. Steeds als hij een vriendje heeft en ze een goede vriendschap hebben opgebouwd, maakt hij ruzie en wordt de vriendschap verbroken. Thuis is hij erg brutaal tegen ouders en heeft hij er veel moeite mee als situaties anders zijn dan hij zelf verwacht had. Hij is dan enorm brutaal tegen ouders en kan ook fysiek zijn woede uiten door te gooien met spullen. Deze jongen heeft last van hechtingsproblematiek en na de intake hebben wij diverse doelen in een zorgplan vastgelegd. Een van de doelen is het werken aan zelfvertrouwen en zelfbeeld. Hij heeft het idee niet te weten wie hij is. Wij zijn met hem op manieren gaan werken die hij leuk vond: middels voetbal werden kwaliteiten van hem benoemd, middels boksen (via externe samenwerkingspartner) werd er gekeken welke copingstrategieën hij inzette, middels activiteiten met de honden werd er gekeken naar communicatie en hoe dichtbij laat hij iemand komen en via EMDR (via externe samenwerkingspartner) werden trauma’s aangepakt. Bij elk onderdeel werden zijn kwaliteiten en kenmerken van hemzelf in kaart gebracht. Dit werd met kwaliteitskaarten en helpende gedachte kaarten gedaan en het kunstwerk dat hiervan gemaakt werd hangt nu op zijn kamer. Ouders zijn in dit proces meegenomen door tweewekelijkse gesprekken te voeren en op school hebben wij voorlichting gegeven over de problematiek van deze jongen en hoe men hier op school op in kan spelen. Natuurlijk krijgen we ook lichtere hulpvragen wanneer het gaat om zelfvertrouwen en zelfbeeld. Het gaat dan vaak om kinderen die gepest zijn en zich daarom niet meer durven te laten zien in de klas. Dan schakelen we geen externe partijen in en gaan we zelf aan de slag met het versterken van het zelfvertrouwen op manieren die bij de kinderen passen. Voor de één is dit sport en spel, voor de ander het werken met dieren of knutselen.
Ik kan slecht plannen en organiseren. Help mij hoe ik aan een taak begin, deze uitvoer en goed af kan ronden.

Casus:
Een jongen van 9 met ADHD werd bij ons aangemeld. Hij vond het moeilijk om een taak te overzien en liep hier op school in vast. Wij zijn met hem aan de slag gegaan met kleine, beknopte opdrachtjes. Dit na het uitleggen wat ADHD voor hem betekent en hoe hem dit belemmert bij dit soort situaties, maar ook welke goede aspecten het met zich meebracht. De opdrachten werden steeds verder uitgebreid als de voorgaande opdrachten succesvol verlopen waren. Opdrachten konden het werken met honden zijn (het aanleren van een nieuwe oefening) of het maken van een knutselwerk. Hierbij kreeg de jongen diverse handvatten die hem hielpen bij de opdrachten bij ons, maar ook op school. Uiteindelijk wist deze jongen een eigen vogelhuisje te maken: van de schets van het plan, tot het maken van een lijst van de benodigdheden en het klaarleggen van de materialen. Daarna werd het vogelhuis gebouwd en alles weer netjes opgeruimd.
Ik heb net een diagnose gekregen en weet niet goed wat dit inhoudt of hoe ik hiermee om ga in het dagelijks leven. Geef mij uitleg hierover en help mij hiermee om te gaan.

Casus:
Kinderen krijgen vaak een diagnose en weten niet altijd wat dit inhoudt. Wij gaan dan met jongeren en hun ouders aan de slag. We leggen uit wat bijv. autisme is met behulp van ‘Brainblocks’ en gaan dan actief aan de slag. We bekijken in de begeleidingsmomenten bij ons (waarbij spellen gedaan worden, met dieren gewerkt enz.) waar een kind tegenaan loopt en verklaren dan voor hem waarom dit zo verloopt. Daarnaast kijken we mee op school als hier vraag naar is. Dan verduidelijken we voor de leerkracht waarom iemand zo reageert als hij reageert en geven we handvatten om hier anders op in te spelen. Ook thuis lopen ouders vaak tegen zaken aan. We kijken dan mee in het gezin en/of voeren gesprekken met ouders waarin zij voorbeelden aanhalen.
Leer mij omgaan met de vele prikkels die ik voel.

Casus:
een jongen van 6 voelde zoveel prikkels in zijn lijf en zoveel drukte in zijn hoofd. Door te werken met een autobaan kon hij aangeven hoe druk het was in zijn lijf: waren het raceauto’s of tractors op dat moment? En stonden ze ergens ‘vast’ of reden ze door? Dit hielp ons op de groep en zijn ouders thuis om te bekijken hoeveel prikkels deze jongen nog aan kon of dat hij rust nodig had. Vaak hielp het hem al om dit zo te kunnen uiten en gaf dat al rust.
Leer mij omgaan met mijn angsten en help mij uitdagingen weer aan te durven gaan.

Casus:
Een meisje van 10 zag bij situaties steeds meer beren op de weg en ging steeds minder het huis uit. Met name nieuwe situaties waren spannend voor haar. Bij ons ging ze nieuwe situaties aan: op een creatieve manier (waarbij er ook materialen gekocht moesten worden samen) of door met de honden nieuwe oefeningen te doen. Steeds kon ze bij ons aangeven hoe ze zich daarbij voelde (met emotiekaarten) en wat er voor haar nodig was om die drempel toch over te gaan. Een stevige houding, waarbij je voeten stevig op de grond staan en je buik sterk aanvoelt, was bijv. nodig om een nieuwe situatie aan te durven gaan. Dat was iets wat we eerst zo oefenden. Daarna met honden. We begonnen met het trainen met een makkelijke hond en werkten toe naar een hond die zij erg spannend vond (omdat deze hond nog wel eens blafte, kon springen en druk was). Gaandeweg haar traject heeft ze het voor elkaar gekregen om een heel parcours (met afleiding) te lopen met deze hond zonder riem. Haar houding, stemgebruik en goed inschatten van de omgeving en daarop adequaat reageren waren nodig om dit parcours tot een goed einde te brengen. Dit is haar gelukt en dat is gefilmd. Als ze zich nu nog wel eens onzeker voelt en de vraag bij haar op komt ‘kan ik dit aan’, dan kijkt ze het filmpje weer even terug en gaat dan met meer zelfvertrouwen zo’n situatie aan. Ook ouders en school zijn meegenomen in dit traject en laten haar regelmatig terugkijken op deze succeservaringen. Ouders hebben ook handvaten gekregen in hoe ze haar kunnen erkennen in haar gevoel, maar ook kunnen stimuleren om iets toch te aan te gaan.
Help ons gezin om elkaar te begrijpen en weer beter met elkaar om te gaan.

Casus:
Vader, moeder en 15 jarige zoon vinden het lastig om met elkaar te communiceren. Vader en zoon hebben beiden een vorm van autisme. We hebben dit gezin begeleid door de communicatiepatronen van eenieder in kaart te brengen. Dit werd duidelijk in het doen van opdrachten met honden. Ook hebben we gezinsgesprekken gevoerd, waarbij voorbeelden uit de dagelijkse praktijk naar voren kwamen en geanalyseerd werden. Gaandeweg het traject werden patronen steeds duidelijker en werd er met iedereen besproken wat ieders bijdrage kon zijn om de communicatie beter te laten verlopen. Deze gesprekken over de situaties van de afgelopen week, werden aangevuld met ‘doe opdrachten’ op onze locatie. Zo hebben ouders en zoon samen een doolhof voor de cavia’s gebouwd. Er kwamen veel thema’s aan bod: wie neemt de leiding, wie heeft waaraan behoefte in de communicatie, hoe wordt er op elkaars reactie gereageerd, wie gaat hoe om met onverwachte situaties, hoe motiveer je de cavia om door het doolhof te lopen en hoe lang blijf je daarmee doorgaan, wanneer wordt er beloond en wanneer wordt er hulp geboden? Al deze thema’s spelen binnen het gezin natuurlijk ook steeds een rol. N.a.v. een dergelijke activiteit kwamen er steeds weer gespreksonderwerpen naar voren.
Mijn ouders zijn gescheiden en ik heb moeite om mijn draai te vinden in deze nieuwe situatie. Help mij hiermee.

Casus:
Kinderen hebben er vaak moeite mee als hun ouders gaan scheiden en ook wanneer één van de ouders een nieuwe partner (met kinderen) krijgt. ‘Waar is mijn plek en hoe is mijn relatie tot de ander’ is dan vaak een thema dat naar voren komt. Dat spelen we met kinderen uit met playmobile poppetjes of met kleine diertjes. Welk dier ben jij en waarom, waar sta je t.o.v. de ander en waar zou je willen staan? En wat heb je nodig om daar te komen? Voor ouders ook vaak goed om het inzicht te hebben in waar een kind zich voelt staan en hoe ze daar rekening mee kunnen houden. Wij helpen een kind dan bij de, persoonlijke stukken en gaan met ouders en eventuele nieuwe partners in gesprek hierover.

*Elke gelijkenis met bestaande personen, gebeurtenissen, activiteiten, aangehaalde voorbeelden of namen van personen berust op louter toeval.